Vezels staan bekend om hun vele gezondheidsbevorderende effecten. Eén hiervan is dat vezels een positief effect hebben op je cholesterol. Hoe werkt dit, welk type vezel is belangrijk en hoeveel moet je ervan eten?
Vezels zijn een type koolhydraat die alleen te vinden is in plantaardig voedsel. Denk hierbij aan groenten, fruit, peulvruchten, volkoren granen en noten / pitten / zaden. Onze darmen zijn erop gebouwd om voedingsstoffen te scheiden van de vezels, omdat we vezels niet kunnen opnemen in ons lichaam. De vezels bepalen vervolgens de massa van onze ontlasting.
Er zitten een groot aantal gezondheidsvoordelen aan vezels, bijvoorbeeld:
Cholesterol is een stof die de lever aanmaakt, je hebt dit nodig om bijvoorbeeld hormonen (testosteron & oestrogeen) aan te maken. Om cholesterol door de bloedbaan te kunnen transporteren is een eiwit nodig, dit noem je een lipoproteine (letterlijk vetachtig eiwit). Bestaat zo'n lipoproteine vooral uit vet en cholesterol, en maar een klein beetje eiwit, dan spreek je van een Low-Density-Lipoprotein (LDL). Mensen die vooral veel verzadigde (dierlijke, harde) vetten eten hebben over het algemeen een hoger LDL cholesterol, wat slecht is voor de hart- en vaatgezondheid.
Het lichaam heeft een aantal manieren om te zorgen dat te grote hoeveelheden cholesterol het lichaam kunnen verlaten. Eén hiervan is via de 'gal-route'. Gal wordt ook aangemaakt in de lever en het grootste bestanddeel van gal is cholesterol. Nadat gal is aangemaakt door de lever, wordt het opgeslagen in de galblaas. Na het eten van een maaltijd zal de galblaas zich legen in de twaalfvingerige darm, om zo te helpen met het verteren van voeding. Het lichaam is zeer efficiënt en zal ruim 90% van het gal weer opnieuw opnemen via de darm om te recyclen. Dit is waar de werking van vezels om de hoek komt kijken.
In grote lijn zijn vezels op te delen in twee groepen: oplosbare en niet - oplosbare vezels. Vooral de oplosbare vezels hebben een positief effect op je cholesterol. De oplosbare vezels binden met het gal in de darm, en blokkeren de heropname van het gal. Dit gebonden gal zul je via je ontlasting kwijtraken. Omdat je via deze route minder 'efficiënt' wordt in het recyclen van gal, zal de lever meer gal moeten produceren. Hier heeft het cholesterol voor nodig, wat het voor een deel uit de bloedbaan zal halen. Hierdoor zal je cholesterol dus dalen.
Schrijf je hier in voor onze maandelijkse nieuwsbrief en ontvang adviezen en artikelen op het gebied van vitaliteitscoaching